Merijn en Floris met hun motoren.
Merijn en Floris met hun motoren. (Foto: Margreeth Anema)

Een jongensdroom: Floris (15) en Merijn (13) rijden het NK Junior Moto Racing

UITGEEST - Ronkende motoren, slipsporen op het asfalt, af en toe een crash waarbij er 'oei en ahhh' gescandeerd wordt vanaf de tribune. De broers Floris (15) en Merijn (13) zorgen acht weekenden per jaar voor spektakel op het circuit tijdens het NK Junior Moto Racing.

In 2020 begon de Molenaar NSF100 Cup aan het twaalfde seizoen. Een selectie van zeventien coureurs verscheen aan de start van de races bij het NK Junior Moto Racing. Van de zeventien coureurs zijn er zeven 'rookies', waaronder Merijn Schipper. Sponsor Arie Molenaar uit IJsselstein zorgt voor overalls, laarzen, handschoenen en een helm op maat. Met een enorme touringcar met daarin 24 motoren verschijnen zij op het circuit. De motoren worden voor dat weekend verloot onder de coureurs zodat ze allemaal met gelijkwaardige motoren van start kunnen gaan. Merijn maakt zeer veel progressie en krijgt steeds meer aansluiting in de subtop. Afgelopen weekend werd hij 12e op het stratencircuit in Staphorst: een zeer knappe prestatie omdat het een nieuw circuit voor hem was.

Floris rijdt in de Yamaha R125 Kicxstart Cup. Deze bestaat al tien jaar maar vorig jaar kwam de sponsoring in handen van het motormagazine 'Kicxstart'. Bob Withag, een voormalig superbike coureur, draagt zorg voor de begeleiding van de jonge talenten en voorziet ze iedere race van advies en de nodige tips en tricks. Dit is de ideale voorbereiding op een zwaardere wegraceklasse zoals de Yamaha R3 Cup, het volgende doel van Floris. Voor het rijden op een Yamaha R125 op de openbare weg zou je een motorrijbewijs moeten hebben. Afgelopen weekend reed Floris in Staphorst en had een zeer goed tempo zowel in kwalificatie als in de race. Beide races eindigde hij in de punten op P13. Dit is een zeer knappe prestatie, zeker omdat het voor Floris ook een nieuw circuit was. Zijn doel voor de laatste races in Assen op 25 en 26 september is om in de top tien te eindigen.

Kennismaken met de racerij
Deze niet-alledaagse en kostbare sport kwam op het pad van de broertjes door de vader van een vriend van Merijn: hij is lid van de Ducati Club Nederland en de broers werden uitgenodigd voor een dagje TT Assen. Op het kleine circuit deden de jongens mee met een clinic van Race-kids waar zij mochten rijden op een minibike. Floris was gelijk verkocht en sloot zich aan bij Race-kids dat regelmatig trainingsweekenden organiseerde op verschillende indoorkartbanen. Merijn twijfelde nog even, hij nam in die periode deel aan het het NK voor radiografisch bestuurbare auto's en was daar ook goed in. Toch bleek het kalendertechnisch beter om geheel over te stappen naar het motorracen en ook dat doet Merijn zeker niet onverdienstelijk.

Valpartijen
Heftige valpartijen zijn eerder regel dan uitzondering in deze spectaculaire sport. Floris en Merijn zijn gelukkig niet bang uitgevallen: "Tijdens het rijden denk je hier niet aan en ach ja, het is vallen en opstaan", aldus de nuchtere Merijn, die nogal van de mooie truken is op de motor, zo vertelt zijn vader glimlachend. Floris heeft weleens een crash meegemaakt op een gladde baan terwijl het regende. Hij slipte, vloog de lucht in en belandde op zijn hoofd en zijn schouder. Hoeveel pijn het ook deed: niet meer op de motor stappen is geen optie voor hem. "Na een zware crash duurt het wel lang voordat je weer op je normale niveau zit, maar dat is natuurlijk ook zo met bijvoorbeeld voetbal", zo legt de moeder van de jongens uit.

World Superbike
De jongens hebben veel ambitie. Floris zijn doel is om in de World Superbike te rijden. Hiervoor hebben zij Akersloter en World Supersportbiker Jaimie van Sikkelerus (MPM Routz Racing Team) aangetrokken als trainer. De trainingen bestaan niet alleen uit het rijden zelf maar ook uit een voorbereiding op de wedstrijd (leer het circuit uit je hoofd, probeer vooraf in gedachten rondjes te rijden op het circuit) en een evaluatie. Verder eten zij gezond en is Floris vaak in de sportschool te vinden. Zijn motor is namelijk 140 kg zwaar en zijn pak is nog eens 7 kg; het is bloedheet in het pak dus het is echt hard werken tijdens een wedstrijd. Op 21 oktober zal hij overigens op het grote TT Circuit in Assen rijden voor zijn praktijk- en theorie-examen, dan kan hij binnen twee jaar zijn racelicentie aanvragen. Deze licentie is noodzakelijk om deel kunnen te nemen in de zwaardere Europese raceklassen.

Tekst: Margreeth Anema

Meer berichten